Deze zittende figuur is kenmerkend voor de starre en wat 'onbeholpen' werkwijze van de Muisca-pottenbakkers. Alle nadruk ligt op het in verhouding veel te grote hoofd, terwijl het lichaam en vooral de ledematen slechts schematisch zijn aangeduid. Vermoedelijk was deze zittende figuur op een basis (een offervat?) bevestigd. Aan de rijke tooi te zien, gaat het wellicht om een persoon van hoge rang. De dichtgeknepen ogen en de zithouding wijzn in de richting van een priester of sjamaan in trance.
De sieraden, die wij herkennen van de goudvondsten, wijzen op de hoge status van het personage. Een enkele keer is in de literatuur melding gemaakt van antropomorfe vazen, 'pebetero' genaamd en zeer gelijkend op deze figuur, die tijdens ceremonieën werden gebruikt voor het deponeren van offergaven
Deze figuur werd tussen 1948-159 in situ door Lothar Petersen verworven.