Deze laat-gotische arduinen doopvont is afkomstig uit de Sint-Martinuskerk te Westmalle. Deze werd na 1800 gebouwd op de fundamenten van een 15de eeuwse gotische kerk. Nog voor 1876 verhuisde de doopvont naar de Antwerpse musea.
De doopvont bevond zich in een achtkantige doopkapel (baptisterium), achteraan in de kerk. Zowel de kuip als de console van de doopvont zijn net als de kapel achtkantig. De acht symboliseert de volmaaktheid, de wedergeboorte van Jezus, de hoop op verrijzenis en eeuwig leven.
De Latijnse inscriptie verwijst naar de bijbel: Isaias, I, 16: Lavamini, mundi estote; auferte malum cogitationum vestrarum ad oculis meis; quiescite agrere perverse, 17. Discite benefacere; quaerite judicium, subvenite oppresso, judicate pupillo, defendite viduam.
Volgens de Willibrordusvertaling: Vers 16. Wast U, reinigt U! Uit mijn ogen met uw misdaden! Houd op met kwaad te doen! En Vers 17. Leert liever het goede te doen, betracht rechtvaardigheid, helpt de verdrukten, verschaft recht aan de wezen, verdedigt de weduwen.
De signaturen en steenmerken op de doopvont behoren toe tot de familie LE PRINCE (één van de belangrijkste leveranciers van blauwe hardsteen in de Nederlanden tijdens de laat gotische periode), de familie NOPERE en een derde onbekende beeldhouwer.