Het voorhoofdsieraad heeft twee brede, schuine 'stralen'. Ertussen zijn katachtigen te zien die in hun poten een afgehakt mensenhoofd vasthouden. Op de plaat is met houten pennen een mensenhoofd in reliëf aangebracht. Dergelijke sieraden komen vooral voor in het noordelijk Mochica-gebied, waar de Vicus beschaving zich ontwikkelde. Het mensenhoofd op de plaat heeft een klep waaraan plaatjes hangen. In de open mond is een gebit zichtbaar dat in schelp is uitgesneden. De witte pupillen in parelmoer hebben donkere pupillen in stekeloesterschelp.